Klaar om te vertrekken, de spanning wordt nu groter. Naast ons ligt de andere Almerse boot die voor de tweede maal meedoet aan de wedstrijd, De Binky Toy van (Bertjan van der Woude) ook hier loopt de spanning zo vlak voor de start aardig op, zenuwachtig wordt er aan de sigaretten en sjekkies getrokken, “heeft iedereen zijn Zeilpak, zwemvest en onderkleding aan, dan gaan we naar het startgebied”.
Toch wel spannend, “zou ik zeeziek worden, ik ben het nog nooit geweest, maar ze zeggen dat je er altijd last van kan krijgen“ ;zijn gedachten die door mijn hoofd gaan als we langzaam het zeegat uitvaren, eerst door de grondzeeën naar buiten terwijl de zeilen omhoog gaan. Op de pieren staan nog wat mensen te zwaaien naar andere overstekers. De Binky Toy komt vlak achter ons aan en zet weldra ook onder zeil koers naar het startgebied vlakbij de pier van Scheveningen. Er staat een lekker windje windkracht 3 a 4. Daar rond kruisend valt het pas op wat een klein bootje de Balans is in vergelijking met de andere deelnemers. Verreweg de meeste boten zijn allemaal groter dan 10 meter, ik denk gemiddeld 11 meter.
Het is twee minuten voor zeven als we richting de startlijn gaan. "Starten we zo niet veel te dicht bij het startschip" vraag ik aan Ed, “Nee” zegt Ed, de stroom zet ons weg van het startschip” en als we dan over de startlijn gaan zitten we zeker wel zo’n 40 meter van het startschip af. Het is net zo’n tumult als tijdens een avondcompetitie start op het gooimeer, iedereen probeert maar in te dringen om vrije wind te hebben. Terwijl de winst niet direct te halen is met het starten maar juist met het navigeren en de zeilvoering tijdens de hele wedstrijd. Waarschijnlijk is de gedachte dat alle kleine beetjes helpen.
We gaan eerst richting de indewindse boei NO, wij kiezen ervoor om eerst vlak langs de kust een lange klapte maken en daarna in eens richting de bovenboei. De Binky Toy kiest ervoor om verder op zee te blijven. ( Eerste les: onder de kust staat minder stroming als op volle zee). Op een gegeven moment klappen wij weg richting de bovenboei en als stuurman op het Gooimeer zeg ik “We kunnen nu wel wat afvallen richting de bovenboei, we hebben hem zwaar overzeilt”. “Nee hoor”, zegt de rest, “waarschijnlijk halen we de boei niet eens”. “We worden door de stroom naar de Boei toe gezet”. Uiteindelijk gaan we op 20 meter langs de bovenboei en kunnen we koers zetten naar waypoint 1 …...(Les 2: Rond een boei die in de stroom ligt altijd ruimer dan je denkt.) De Binky Toy ligt na dit rak al 200 meter achter ons.
|