PION

Klasse Organisatie

Home > Nieuws > Zeilvakantie in zeeland 2004

HoofdMenu

Algemeen
Kalender
Technische Info
Nieuws
Klassevoorschrift.
Vraag en aanbod
Foto album
Forum
Uitslagen
Trim gegevens
Pionnenboek
Klustips
Wiedoetermee ?
Wij doen mee ?
Pionwinkel
Pion op LinkedIn
Gebruikersnaam

Wachtwoord

Zeilvakantie in Zeeland 2004

Als noordelijke Pion wilden we deze zomer eens de Zeeuwse wateren verkennen.

Dat was er nog nooit van gekomen. Meer beschut water, havens op korte afstanden, vele eilandjes, natuurgebieden en groten-deels zoutwater, dat zijn de kenmerkende verschillen met het IJsselmeer. Met name voor onze twee zonen, 10 en 12 jaar oud, die willen zwemmen, krabbetjes vangen, Optimist varen en met het rubberbootje spelen, zijn de Zeeuwse wateren een goed alternatief.

 

Het weekend van 24 en 25 juli werd benut om buiten om naar Stellendam te zeilen. Al op het Noordzeekanaal  ontmoetten wij de eerste Pion tijdens onze vakantie te weten de Tristar en velen zouden nog volgen! Zoals de Lucifer die, als voor-bereiding op de komende Flevo race en het kampioenschap, voor de haveningang van Scheveningen spinakerbaantjes aan het oefenen was. In Hellevoetsluis monsterde mijn vrouw en jongste zoon aan. Zij hadden de Optimist op het dak van de auto meegenomen aangezien wij deze niet over zee achter ons aan wilden slepen. Bij enige golfslag loopt deze namelijk al vol met alle gevolgen van dien. Al gauw hadden we uitgevonden dat een  Optimist op z’n kop op het voordek van een Pion past, geen problemen derhalve met zo’n kwetsbaar bootje in de sluizen. En nog een voordeel is dat bij regen het voorluik gewoon open kan blijven staan voor de ventilatie.

Na het Haringvliet volgde de Haringvliet-brug die net niet hoog genoeg was voor onze marifoonantenne……

 

In Willemstad ontmoetten wij de Orca, de Champion met een reuze grote champion-vlag in het voorstag alsmede een rode Pion, de Amphrodite, die ’s avonds laat weer op pad ging.

Via de Volkeraksluis het Volkerak op. Het stilstaande water was geheel groen gekleurd door de algen. Ook daar kwam ons weer een Pion tegemoet, dit keer de Cheetah. Na de Krammersluizen veranderde het vaarwater van zoet in zout.

 

Wij voeren direct de Grevelingensluis in om dit water te verkennen. Aan de oostzijde is het er betrekkelijk rustig en vinden we een uitstekend ankerplekje alwaar de Optimist prima kan zeilen.

We overnachten 2 keer in Herkinngen Marina en ontdekken aan onze steiger nog drie Pionnen, de Oeps - de oude “Stuk”, tegenwoordig in een aubergine uitvoering, de Avontuur van de familie Van de Stadt  en de Windrunner van Pim van Keulen die ook met familie op vakantie was. Zijn Pion is uitgerust met een rolfok wat bij toer-tochten natuurlijk wel erg makkelijk is! Deze rode Pion ziet er zeer goed onderhouden uit, enigszins in tegenstelling tot onze Jan Hagel!

 

We varen verder richting westen tot Scharendijke, vlak voor de Brouwersdam. Hier is het veel drukker met schepen, toeristen, duikers, surfers etc. Met Duitse vrienden trekken we een dagje op en ankeren we voor Ouddorp. Aan het eind van de middag worden we overvallen door een zeer dichte zeemist. Door met behulp van kaart en GPS zeer nauwkeurig te varen komen we van boei tot boei weer terug richting Scharendijke. De tweede dag wordt fietsend doorgebracht op Schouwen Duivenland en nog steeds geldt de regel “de wind komt in Holland altijd van voren”.

 

Maar we zien de Oosterschelde en besluiten dat het tijd wordt daarheen te varen. In de sluis bij Bruinisse komen we de Avontuur weer tegen die onderweg was naar Vlissingen. Gezamenlijk varen we op tot de Zeelandbrug, zij onder spinaker wij met de lichtweer genua te loefert en zo nu en dan, als de wind te zwak wordt, met de motor bij. Voor de wind varend was het bloedheet maar een grote paraplu zorgde voor de benodigde schaduw. Exact tijdens laagwater varen we onder de Zeelandbrug door die 16,0 m hoogte aangeeft. Geen problemen dus voor onze marifoon-antenne. Na de brug ligt de Colijnsplaat aan bakboord waar vrienden van ons sinds kort een molen hebben gekocht welke geheel gerestaureerd moet worden. Tijd dus voor een bezoek met barbecue in de boomgaard en een bezoek aan een zelfpluk-plantage voor aardbeien, bramen en aalbessen. Het is zo warm dat iedereen zo nu en dan even onder de drinkwater-slang op de steiger gaat staan om een beetje af te koelen.

 

De volgende dag over de Vuilbaard,  Roompot naar Neeltje Jans. We houden flink afstand van alle vissersboten die hier met full power richting Yerseke en Bruinisse opstomen. Nu helemaal na het horen van alle verhalen van de aanvaring van de Balans van Ed Brand. Vlak voor Neeltje Jans komt ons weer een Pion tegemoet. Op afstand menen we te lezen dat deze “First Lady” heet.

 

In de betonhaven van Neeltje Jans ligt een tijdelijke steiger met enkele schepen. Wij meren aan en bezoeken de Delta expositie met het daarbij horende water-park. Het opkomende water perst zich met enorme kracht door de stormvloedkering naar binnen. Het is logisch dat er hier binnen een straal van 2 kilometer niet gevaren mag worden. Een rustig verblijf op Neeltje Jans met veel zwemmen en vogels en lekker slapen. Daarna varen we de Oosterschelde de ander richting op tot St. Annaland op Tholen. Het is weer heel erg warm. Bij hoogwater lijkt de geul naar St. Annaland breed maar de volgende morgen bij laag water zijn veel schepen naast de geul drooggevallen.

 

De WSV St. Annaland heeft een restaurant met airconditioning  en met een panorama uitzicht op het water. Dus waar kun je met deze warmte beter een Oosterscheldeschotel eten met diverse plaatselijke vissoorten? Juist, het was heerlijk. We worden wakker met…… regen! Een welkome verkoeling. Vandaag dan maar in één ruk naar het Haringvliet. De deur van de volle Krammersluis sluit pardoes voor onze neus dus verplicht drie kwartier wachten.

Tijdens deze gedwongen pauze ontmoeten we de Fair Lady (dus niet de First Lady) die onderweg zijn met dochter Irene maar hun thuishaven Dordrecht. Alweer een Pion met een rolfokinrichting. Deze Pion is uit 1987 en ziet er nog piekfijn uit. Tegen de tijd dat wij na de sluis de zeilen gehesen hebben is de Fair Lady al een paar honderd meter op weg, tja zo’n rolfok is toch wel handig! Dit keer nemen we geen risico bij de Haringvliet-brug en gaan door het geopende deel.

 

Ten zuiden van het eiland Tien Gemeten (waar komt die naam vandaan?) weten we een prima ankerplek voor de nacht.

De Speer van Gerard van Geel was ons al voor en ligt daar ook van de rust te genieten. Mijn ervaring met ’s nachts ankeren is dat de wind altijd draait en je plotseling aan lager wal ligt, deze nacht is geen uitzondering, de wind gaat van NO naar W en er ontstaat enige golfslag. Desalniettemin blijven we de nacht en het grootste deel van de volgende dag lekker liggen. Daarna wordt opgekruist naar Hellevoetsluis.

 

Ook de terugreis naar Muiden wordt gekenmerkt door wind van voren. Tussen Stellendam en Scheveningen is de wind te zwak om te zeilen, doch de vloedstroom brengt makkelijk 8 knopen op de teller en een spectaculair onweer volgt ons boven het vaste land.

Tussenstop in Scheveningen om te tanken, dan komt het zonnetje en begeleidt ons vlak langs het strand. We hebben tegen stroom tot IJmuiden (toch nog 5,5 knopen op de GPS). In verband met een oefening van de KNRM (ben u al lid?) voor de kust van Katwijk worden we omringd door reddingsboten en helikopters, een veilig idee maar bij windkracht 2 gelukkig niet echt nodig.

 

Een korte nacht in de Seaport Marina en zondagochtend om 07.20 uur als eerste en enige in de Zuiderslus bij IJmuiden. Einde van de vakantie bij 30 graden en een stralende zon.

 

Gelukkig, volgende week de Flevo Race!

 

Hein Nanninga



Dutch Web Solutions ©2003